Info

News archive

Ruud van Eeten about the Amstel Quartet's residence

Dec 5

Ruud van Eeten - een zoektocht naar de schoonheid in noten
Door: Randy Wieland | 04 december 2008

Zaterdag 13 en zondag 14 december is het Amstel Quartet Weekend bij De
Toonzaal. Tijdens het weekend gaan er een aantal nieuwe stukken in première, waaronder een nieuw stuk van Ruud van Eeten die ook nog eens zakelijk en artistiek leider is bij De Toonzaal. Tijd voor een interview met Ruud over het Amstel Quartet Weekend, zijn werk bij De Toonzaal, zijn werk als componist en de persoon die hij is. Het werd een lang en interessant, maar vooral openhartig gesprek.

Wat kunnen de bezoekers verwachten van het Amstel Quartet Weekend?
“Het wordt een leuke combi van oud en nieuw. Op zaterdagavond spelen ze allemaal oudere stukken, romantische, Baroque dingen en klassieke stukken. En als contrast op zondag de 14e allemaal nieuwe stukken. Ik geloof dat er zelfs 6 nieuwe stukken in première gaan, wat veel is voor één concert. En dat typeert de werkwijze van het kwartet, ze springen van eeuw naar eeuw, net hoe het hen uitkomt, maar wel goed doordacht. En dat past bij de saxofoon, want het is een instrument dat met één klein paar tenen in de romantiek staat en met een hele grote voet in de jazz en hedendaagse muziek. Er is dus een prachtige balans tussen oud en nieuw.”

Wat zou je de bezoeker aan kunnen raden om het weekend compleet te maken?
“Overdag een mooie wandeling maken, met sneeuw als het mee zit. In de Loonse en Drunense duinen een goede frisse neus halen en je hoofd leeg laten waaien. En dan op zondagavond helemaal onbevangen luisteren naar allemaal nieuwe muziek.”

Wat zijn jouw hoofdactiviteiten bij de Toonzaal?
“Ik ben artistiek en zakelijk directeur van de Toonzaal. Dat houd eigenlijk
in dat ik alles doe. Ik programmeer, ik zet de artistieke lijnen uit, het
meerjaren plan. Ik ga ook over de interne organisatie en ik ben het gezicht
van de zaal. Ook heb ik contact met de politiek, lokaal de provincie en
overheid, om de subsidies voor elkaar te krijgen en de geldstroom te
reguleren. Dus ik ben eigenlijk verantwoordelijk voor alles. Het is ook maar een kleine organisatie, we hebben in totaal 7 mensen. De combinatie
artistiek en zakelijk kan daarom makkelijk.”

Wat maakt de Toonzaal voor jou tot een bijzonder podium?
“Allereerst de zaal, die is zó bijzonder. De atmosfeer, qua akoestiek, de
entourage. Ik heb er ook als musicus al opgetreden en het is op de een of andere manier een warm bad. Ik geloof niet in god, ik geloof in de wind, de
bomen, de regen en het niet kunnen weten hoe het leven in elkaar zit, maar
er hangt een sfeer in die zaal die ongrijpbaar en heel bijzonder is.

We noemen ons zelf hét kamermuziekpodium van Zuid-Nederland. Dat is
natuurlijk erg ambitieus, maar ik heb er met opzet voor gekozen om deze
titel te voeren. De Toonzaal is zo uniek omdat het aanbod zo breed is. Wij
hebben ons gespecialiseerd in het niet specialiseren. Ik kan in de Toonzaal
alles programmeren. Dus niet de nieuwe muziek schuwen, maar ook niet de oude muziek. En daar mooie combinaties in maken. Wat we bieden is per definitie van zeer hoog niveau en geplaatst in een context zodat het niet alleen verbredend is, maar ook verdiepend. De componisten van begin de twintigste eeuw hebben zich steeds meer gedistantieerd van het publiek. Zij zijn gaan schrijven wat zij willen, steeds meer intellectueel, verder weg van het gevoel van het publiek. Maar deze stukken hebben natuurlijk wel hun waarde. Als je dit werk als één stuk weet te programmeren met klassiekere stukken, dan kun je in ieder geval die context bieden om te zeggen ‘kijk eens hoe bijzonder dit is en probeer er toch eens onbevangen naar te luisteren’. Ik denk dat wanneer je de context zo maakt dat deze stukken onderdeel uitmaken van het programma, het dan vanzelfsprekende muziek is en mensen ook luisteren. Aan de andere kant verbaast de liefhebber van actuele muziek zich dan over het actuele karakter van Beethoven. De musici vinden het ook bijzonder om naast een grote klassieke naam te staan. En de musici die oude muziek spelen vinden het te gek dat er twee dagen later allemaal
wereldpremières worden gespeeld.

Wij bieden daarnaast, en dit is ook een kenmerk van ons podium, een hele
prettige ambiance. Ik leid de concerten in, het personeel is bijzonder
aardig en er hangt een huiskamerachtige sfeer. Dit maakt het tot een
totaalconcept, waarbij je niet alleen in een stoel gaat zitten en luisteren, maar ook echt betrokken wordt. Mensen die hier voor de eerste keer komen zijn ook per definitie onder de indruk en enthousiast, uitzonderingen daargelaten. Ik vraag alle musici om iets te vertellen, en 80 procent doet dat ook. Dan merk je dat die kloof tussen de musici en het publiek er niet meer is.”

Hoe lang ben je al actief in de muziekwereld?
“Ik ben op m’n achtste begonnen in de dorpsharmonie in Zuid-Limburg. Eerst toeters leren spelen, trompet en trombone. Daarna ging het eigenlijk vrij snel qua niveau. Binnen een half jaar speelde ik partijen en toen ik elf was heb ik mijn eerste concours gewonnen. Volgens mij heb ik rond die tijd ook mijn eerste stuk geschreven.”

Wat kunnen we verwachten van jouw stuk tijdens het Amstel Quartet Weekend?
“Ik houd ervan om af en toe mijn eigen muziek te recyclen. Het stuk heet ‘do not hesitate’, dat is niet zo zeer bedoeld als grap, maar om een muzikale geste te maken. Het stuk hinkt af en toe een beetje qua ritme, de ene keer zit er een wat langere rust tussen dan de andere keer. Ik heb het dus niet zozeer als thema gebruikt, maar als muzikaal materiaal. Voor de rest heb ik het hoofdthema van het snelle deel gepakt uit het stuk dat ik heb geschreven voor 12 saxofoons. Ik citeer dus van mezelf, maar pak wel stukken die ik heb geschreven voor saxofoon. Voor de rest is het ook niet echt een zwaar stuk,
gewoon leuk.”

[...]